Belastingaangifte voor je overleden partner: Wat is het meest interessant?
In dit artikel:
Als je gehuwd bent of wettelijk samenwoont en je partner overlijdt, moet jij als langstlevende de aangifte van de overledene indienen. Is er geen partner meer, dan vallen die verplichting vaak toe aan andere erfgenamen, bijvoorbeeld de kinderen. De overblijvende partner krijgt bovendien één keer de keuze: de aangiften apart indienen of voor de laatste keer gezamenlijk. Die keuze moet je zelf maken en de fiscus geeft daar niet automatisch een fiscaal advies over.
Hoe je dit regelt: log in op MyMinfin met je eigen gegevens en kies onder ‘Mijn aangifte’ voor ‘De belastingaangifte voor een overleden persoon indienen’. Na invoer van het rijksregisternummer en toestemming kom je in de Tax-on-web-schermen van de overledene terecht. Je ontvangt feitelijk twee formulieren: één voor jou als langstlevende en één voor de nalatenschap van de overledene. Op jouw eigen aangifte geef je aan of je kiest voor afzonderlijke of gezamenlijke belastingheffing.
Belangrijk aandachtspunt is dat de belastingdienst niet automatisch uitrekent welke optie financieel het beste is — iets wat bij levende gehuwden wel gebeurt (zoals het automatisch toepassen van het huwelijksquotiënt of het toewijzen van kinderen als fiscale tenlasten). Maurice De Mey (Fiscale Hogeschool) en een vrijwilliger die mensen helpt met aangiften signaleren dat gewone burgers daardoor vaak niet weten welke keuze voordeliger is. Om zelf te vergelijken moet je de berekeningen voor beide scenario’s uitvoeren, bijvoorbeeld met TaxCalc op MyMinfin of via een door het ITAA erkende belastingconsulent.
Wettelijke veranderingen en uitzonderingen: de federale regering bouwt het huwelijksquotiënt geleidelijk af tussen inkomstenjaar 2026 en 2029; voor gehuwden of wettelijke samenwonenden die op 1 januari 2026 al de wettelijke pensioenleeftijd bereikt hebben, gebeurt de afbouw over 20 jaar. Vanaf aanslagjaar 2027 worden de maximumbedragen ook niet meer geïndexeerd.
Vereenvoudigde aangifte: ongeveer 4 miljoen Belgen krijgen standaard een vereenvoudigd voorstel, maar bij een overlijden geldt die vereenvoudiging doorgaans niet. De administratie zegt technisch niet in staat te zijn de meest gunstige optie voor te rekenen, hoewel externe berekeningsprogramma’s dat wel kunnen; eerdere wetsvoorstellen om die automatische gunstige keuze in te voeren zijn niet doorgevoerd.
Deadlines: de normale uiterste datum voor aangifte is 30 juni 2026 (15 juli bij digitale indiening); voor complexe dossiers kan dat via MyMinfin tot 16 oktober 2026. Bij recent overlijden geldt meestal uitstel: je krijgt doorgaans tot vijf maanden na de sterfdatum de tijd om de aangifte in te dienen. Concreet: overlijdt iemand op 1 maart 2026, dan kun je tot 1 augustus 2026 wachten.
Praktische tip: reken beide scenario’s na of schakel een erkend consulent in zodat je zeker de fiscaal voordeligste keuze maakt.