Overdrachtsbelasting op woning voor je kind gaat mogelijk naar 7 procent: datum bij de notaris telt

zaterdag, 10 oktober 2026 (15:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Het kabinet wil de overdrachtsbelasting voor woningen waarin de koper niet zelf gaat wonen, zoals een verhuurwoning, vakantiehuis of woning voor een studerend kind, verlagen van 8 naar 7 procent per 1 januari 2027. Bij een woning van €250.000 scheelt dat €2.500; bij een woning van €400.000 is het voordeel €4.000. Het voorstel staat in het Belastingplan 2027 en moet nog worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer, die daar naar verwachting in november en december over stemmen.

Beslissend is niet de datum waarop het koopcontract wordt getekend, maar de datum waarop de leveringsakte bij de notaris wordt ondertekend. Wie dit najaar koopt, kan dus in januari 2027 onder het lagere tarief vallen, als de verkoper instemt met uitstel van de overdracht. Die afspraak moet vooraf in het koopcontract staan. Uitstel kan echter extra kosten opleveren, bijvoorbeeld door het verlengen van een hypotheekofferte, gemiste huurinkomsten of het risico dat de wetswijziging niet wordt aangenomen.

Ouders kunnen soms meer besparen door hun kind zelf eigenaar te laten worden. Als het kind de woning zelf gaat bewonen, geldt 2 procent overdrachtsbelasting. Kopers van 18 tot 35 jaar kunnen onder voorwaarden volledig zijn vrijgesteld. In 2026 geldt die startersvrijstelling voor woningen tot €555.000, mits de koper de vrijstelling niet eerder gebruikte en zelf in de woning gaat wonen. De leeftijd en woningwaarde worden vastgesteld op de overdrachtsdatum. Bij gezamenlijke aankoop wordt iedere koper afzonderlijk beoordeeld. Een lening aan het kind telt voor de ouder wel mee als vermogen in box 3. De notaris bepaalt het tarief en draagt de belasting af; kopers doen er daarom goed aan dit vóór het tekenen te bespreken.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee gaat er plotseling vandoor In de Wandelgangen: 'Dááááág!'