Zzp'ers vast in het web van de fiscus: hoe de handhaving de economie verstikt
In dit artikel:
Strengere handhaving van schijnzelfstandigheid legt de Nederlandse economie lam: zzp’ers raken verstrikt in onzekerheid en opdrachtgevers mijden ze uit angst voor fikse naheffingen. Eind 2025 stonden ruim 1,78 miljoen eenpitters ingeschreven bij de Kamer van Koophandel; zij vormen een flexibele schil die projecten versnelt en specialistische kennis levert. Sinds 2025 voeren belastinginspecteurs echter veel intensiever controles uit, waardoor meer dan de helft van zelfstandigen bezorgd is over hun positie.
De fiscus beoordeelt samenwerkingen op feitelijke criteria — zoals organisatorische inbedding, werktijden en vervangbaarheid — en hanteert daarbij het principe dat de praktijk zwaarder telt dan contractuele afspraken. Die aanpak is versterkt door twee arresten van de Hoge Raad (onder meer Deliveroo, 2023 en een Uber‑zaak) waarin pakketbezorgers en chauffeurs geen zelfstandigen werden bevonden wegens gebrek aan autonomie en te veel sturing door platforms. Nu wordt die lijn breder toegepast, ook op hoogopgeleide zzp’ers en tijdelijke projectmedewerkers, met onbedoelde effecten.
Opdrachtgevers in sectoren die al krap zitten — onderwijs, zorg, overheid — schrikken terug: de kans op naheffingen over vijf jaar teruglopend tot meer dan 30% maakt het inhuren risicovol. Gevolg: projecten stagneren of worden stilgelegd, terwijl expertise beschikbaar is. Wat ooit de Wet DBA moest reguleren, werkt nu vaak kafkaësk: onduidelijke regels, betuttelende bureaucratie en handhaving die achteraf uitlegt wat vooraf niet helder was.
Politiek en belangenpartijen zoeken naar oplossingen, maar de kernvraag blijft: hoe combineer je misstanden tegengaan met het behouden van de noodzakelijke flexibiliteit? Glasheldere, praktische regelgeving is volgens de auteur dringend nodig. De schrijver is verbonden aan Christelijke Hogeschool Ede en Nyenrode Business Universiteit.